‘Graven komen dichterbij’

‘Graven komen steeds dichterbij’ staat met grote letters in de Alkmaarsche Courant van 7-3-2012.
Andere kop ‘Heel veel takken, heel weinig groen’ en op de website ‘Afscheiding Alkmaarse begraafplaats wil maar niet groen worden’.

In mei 2009 is de begraafplaats uitgebreid.
Een voetbalveld is verdwenen (wat door een aantal mensen nog steeds wordt betreurd). Nu wordt er begraven.
Zodat de graven ‘steeds dichterbij’ komen.

Op 9 maart 2012 ga ik kijken of de klagende buurtbewoners overdrijven.
Kijk je vanuit de aangrenzende huizen echt direct uit op de graven en klopt het dat mensen vanaf de nieuwe graven bij de huizen naar binnen kunnen gluren.

De buurtbewoners overdrijven niet wanneer ze het hebben over hun uitzicht.
Ik weet niet wat voor planten het zijn die voor een verhullende afscheiding moeten zorgen, maar ze zijn kaal en sprieterig en zien er niet uit of ze snel voor weelderig groen gaan zorgen. In elk geval zijn ze niet wintergroen.

Bij de buren binnenkijken – dat valt mee.
Je kunt de huizen vanaf de begraafplaats wel waarnemen maar ze staan op voldoende afstand dat je zonder verrekijker weinig kunt zien.

Het probleem is denk ik echt dat men de graven niet wil zien.
Zo citeert de Alkmaarsche Courant buurtbewoner Arjen Lemstra van het Bureau voor Levensgenieters (jawel).
Lemstra neemt de verslaggever mee. “Kijk zelf maar door het hek. Niet echt opbeurend als dat je dagelijkse aanblik is.”

Vriendinnen

Deze steen springt eruit.
Ik vind ‘m mooi door zijn afwijkende (zie de andere stenen op de achtergrond) vorm en z’n jaren-twintig (of is het dertig?) letters.
Ook de tekst intrigeert.

Nelly Carels, op 54-jarige leeftijd in 1943 overleden.
Begraven met Anthonia Frederica Bossert.
Die achttien jaar later dood ging toen ze 76 was.

‘Haar vriendin’ staat op de steen.
Dat is erg nadrukkelijk.
Want ik zie wel eens vaker graven waarin twee vrouwen (niet-familie) samen zijn begraven, maar ‘haar vriendin’ – dat zag ik niet eerder.

Wie zijn deze vrouwen?
Ik google hun namen en vind ze niet.

Ik bestudeer het embleem op de steen en denk dat Suf en Fra kunnen wijzen op Suffragettes maar dat is een gok want de andere afkortingen begrijp ik niet. En de vrouw met de weegschaal is *niet* Vrouwe Justitia want die hoort te zijn geblinddoekt.

Ik leg het anderen voor en iemand die beter zoekt dan ik (en beter combineert) legt uit dat ik Jus niet onder maar vóór Suf en Fra moet lezen en dat ik zo uitkom op het recht om te stemmen. En dat Jus Suffragii de naam was van het maandblad van the International Woman Suffrage Alliance.
Nóg een stap verder: Nelly Carels en Anthonia Frederica Bossert (in de archieven steeds aangeduid als A.F. Bossert) waren bestuurslid van de Alkmaarse afdeling van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht.
Nelly Carels was eerst secretaris en werd later voorzitster.
Wat ik haal uit een voetnoot in een document dat is te vinden in het IAV.


Uit die voetnoot blijkt ook dat Nelly het zelfs heeft geschopt tot gemeenteraadslid van de gemeente Alkmaar.

In het archief van het IAV staat een aantal foto’s van Nelly Carels, allemaal auteursrechtelijk beschermd dus ik kan ze hier niet plaatsen.
Je kunt ze wel zelf bekijken.
Op een van de foto’s (de mooiste) staat ze samen met A.F. Bossert.

Nóg een keer gezocht op Bossert en nu niet (zoals ik eerst deed) met haar volledige voornamen maar op A.F. Bossert.
Gevonden. Een foto in het regionaal archief Alkmaar. En hoewel ze daar minder streng doen over auteursrecht (en de tarieven ook veel lager zijn) waag ik het toch maar niet ‘m hier neer te zetten.
Zien kun je ‘m wel: klik. Linker kolom. “Mevrouw A.F. Bossert voor haar winkel in goud- en zilverwerken en luxe artikelen gevestigd Huigbrouwerstraat
11.” Als je op de foto klikt kun je hem vergroten.
De foto gemaakt ca 1950. Toen was ze dus 65.

(Deel) Begraafplaats op 2-3-2012 bij donker weer

Algemene begraafplaats Alkmaar

De algemene begraafplaats in Alkmaar ligt achter een groot poortgebouw.
De eerste steen voor het gebouw is in juni 1829 gelegd door de zoon van burgemeester Fontein, die zelf in 1838 als eerste in een grafkelder is bijgezet.
Boven de poort staat D.O.M et MANIBUS CIVIUM: aan God de Beste en de Grootste en aan de schimmen der burgers.
Vooral dat laatste vind ik mooi gevonden.

Ik bezoek de begraafplaats op 1 maart 2012, een donkere dag.
Direct achter de poort moet ik kiezen. Want de begraafplaats bestaat uit een linker- en een rechterdeel met daartussen een diep water.
Ik kies voor links omdat volgens de plattegrond in ‘links’ het veld F ligt waar drie Engelse oorlogsveteranen zijn begraven. Hun graven wil ik in ieder geval fotograferen.
Verder is het eigenlijk ‘God zegene de greep’ want dit is zo’n grote begraafplaats (later lees ik: 200 x 200 vierkante meter) dat ‘gewoon wat rondlopen’ voor een eerste bezoek het beste is.

Veel familiegraven, veel oude graven. Beetje pompeus. Érg pompeus.
Maar geen engelen, geen beeldjes. Behalve op het afgescheiden veldje met kindergraven.

Wat ik mooi vind: op de paden na is het allemaal gras tussen de graven.
Met crocusjes.

Op het laatst steek ik nog even over naar rechts.
Hier wel wat versiering bij de graven.
Wat kan komen omdat het rechterdeel het katholieke deel is (lees ik later).
Maar ik zag maar een paar rijen dus voor conclusies is het te snel.

Het moet er prachtig zijn wanneer de bomen bladeren hebben en de zon schijnt.
Ik zal hier zeker terugkomen. Vaak.

Graven op RK begraafplaats St. Barbara












Boeddha op de katholieke begraafplaats St. Barbara

 

 

RK Begraafplaats St. Barbara

Begraafplaats St. Barbarastichting heet deze begraafplaats officieel.
Hij ligt aan twee kanten in het park de Alkmaarderhout, aan een kant tegen een woonwijk.
Een mooie oude (ooit-)kerk staat achter de ingang.
Omdat enkele mensen die een graf gaan bezoeken naar rechts gaan, sla ik links af.

Een urnenmuur. Een prieeltje. Dan een perk met kindergrafjes.
Er zijn momenten dat ik daar tegen kan, deze 15e maart 2011 treffen ze me in mijn hart.

Wanneer ik na het perk een érg grote begraafplaats zie (op de een of andere manier had ik iets kleins en intiems verwacht), overweeg ik direct om te keren. Het is wat veel allemaal. En fotograferen is wel het laatste waarin ik nu zin heb.

Omdat ik er tóch ben loop ik door.
Ik zie veel mooie graven. Een aantal familiegraven. Groot, pompeus.
Traditionele graven en (erg) moderne. Opvallend veel Boeddha’s en relatief weinig engeltjes. Erg veel muzieknoten ook.
Veel graven zijn van de laatste paar jaar. Ik aarzel om ze te fotograferen. Zullen de nabestaanden het wel prettig vinden de foto’s op het net terug te zien.

Aan het eind een kruis met Jezus eraan.
Ik loop via de andere kant terug, ben bijna bij de kerk wanneer ik een perk zie met alleen nonnen.
De ‘Zuster sociëteit van Jezus Maria Jozef’. Dat is een congregatie die in 1823 is ontstaan.

De graven zijn eenvoudig. Perkje ervoor: simpele aarde met afgevallen bladeren.
Ik maak er foto’s van. Elk graf apart. Ik weet zeker dat de nonnen het goed vinden.

Dan bij de kerk ook nog een paar priestergraven (letters grotendeels onleesbaar).

Ik ga een keer terug bij beter weer. Want kijk maar eens op die site van deze begraafplaats naar de zelf geplaatste graven: zonneschijn, groen gras en blaadjes aan de bomen.
De sfeer is meteen heel anders.