Beaver Dam Cemetery

Beaver Dam is een kleine gemeenschap (ongeveer 1000 inwoners) in het noordwesten van Arizona.
‘s Winters verblijven er veel ‘snowbirds’, mensen die eigenlijk elders wonen maar hier een aantal maanden per jaar naartoe trekken om het aangename klimaat.

De begraafplaats ligt bovenop een heuvel.
Hoe oud hij is, heb ik niet kunnen achterhalen.
De oudste steen is uit 1920 maar er zijn ook graven zonder steen.
Vóór de begraafplaats staan vijf zuilen die verwijzen naar onderdelen van het Amerikaanse leger.

De grafstenen zijn deels traditioneel, maar er zijn ook creatieve vondsten bij.

alg1kl

Graven

 
 

 
Leffler 

Het armenveld als pet project

Al jaren word ik gefascineerd door het armenveld van Yuma Cemetery.
Al die mensen die arm stierven en die hier op kosten van de County zijn begraven.
Vaak naast een ‘Unknown Skeletal Remains’ die soms is voorzien van een nummer: de honderdzoveelste onbekende die in Yuma dood is gevonden.

Telkens wanneer ik er ben fotografeer ik een aantal stenen en zet die op Find a Grave.
Soms vindt iemand zo een vroeger familielid of vroegere vriend(in) terug.
Een enkele keer krijg ik dan een mailtje.

Dat geeft me het gevoel dat ik iets zinvols doe zodat ik dit jaar besluit van dit veld mijn ‘pet project’ te maken.
Een aantal dagen fotografeer ik de stenen.
Weer thuis bewerk ik de foto’s en probeer per dode (als die tenminste een naam heeft) nadere informatie te achterhalen.
Soms vind ik een ‘laatste woonplaats’, een heel enkele keer vind ik iets meer.

Voor Daniel Kelly Towne, die hier ook is begraven, zet ik in april al een Memorial op Find a Grave.
Towme staat er op de steen.
Ik google die naam en ontdek dat die achternaam helemaal niet bestaat maar dat er wél een (beknopte) obituary is voor Towne.
Dat zet ik op Find a Grave.

Nog geen maand later een reactie.
Van een vrouw die schrijft: dit was mijn vader en ik ontdek op deze manier dat hij dood is.

TowneMIchelle

Direct erna een andere vrouw.

Wanneer ik in september in Yuma ben, bezoek ik dit graf.
Ik zie dat de achternaam op de steen is veranderd, maak een foto en plaats die op Find a Grave.
Hierop krijg ik deze hartverwarmende reactie.

Dit is de Memorial op Find a Grave.

Towne FaG

Nelson Memorial Cemetary

Langs Historic Route 66 tussen Peach Springs en Seligman is een afslag “Nelson Road”, Road 19 naar het zuiden.
De weg gaat naar Lhoist North America, Nelson Plant.

Er wordt hier al sinds de late 1800s aan mining gedaan.
Ook op zondag. Terwijl ik er ben komen twee grote vrachtwagens van het terrein rijden.

cemDirect na een bord met allerlei aanwijzingen die neerkomen op ‘verboden toegang’ ligt réchts van de weg meteen na de cattle guard – waarover je dan wel voorzichtig moet zijn gelópen – de begraafplaats.

Ietsje tegen een heuvel op zie je het sign.
Erheen voert een duidelijk zandpad met enige begroeiing.
Geen ‘cemetery’ maar een ‘cemetary’- wat je wel vaker ziet en ik heb geen idee waarom het soms zo wordt gespeld.

Een kleine, intieme begraafplaats.
Met enkele graven met ornamenten, een paar namen, wat ingekraste stenen. Veel onleesbare stenen.
Volgens APCRP zijn er zeker 23 mensen begraven, mogelijk 5 kinderen met de achternaam Zacarias onder 1 steen.

Volgens de death certificates (weer: achterhaald door APCRP) liggen hier in elk geval 9 mannen en 6 vrouwen.
De eerste graven zijn uit 1910, het laatste graf is uit 1955.
Het vermoeden bestaat dat in het stadje Nelson (waarvan geen resten zijn overgebleven) mijnwerkers woonden.
Dit kan ook worden afgeleid uit enkele doodsoorzaken (ontploffing, onder een kruitvat bedolven).

Dit graf, ooit mooi versierd maar nu vrijwel vergaan, is van Ernest Bravo.
Op 8 april 1955 gestorven aan longontsteking, nog geen twee maanden oud.

Rechts achter wat struiken ligt de steen van Maria Zamora.
Met de Spaanse tekst: “A nina Maria Zamora que fallecio a la edad de 3 anos Marzo 18, 1924, su afligida madre le dedica este recuerdo.”
Wat (ongeveer) betekent: Voor het meisje Maria Zamora, op 3-jarige leeftijd gestorven op 18 maart 1924. Haar gekwelde moeder draagt dit gedenkteken aan haar op.

Ik werd in het bijzonder geraakt door dit graf.
Alsof de Madonna, zelf ernstig gehavend, toch het zware kruis probeert te dragen dat haar op de schouders is gelegd.

Het mooiste graf is van Emma Lerma.
Ze was huisvrouw en pleegde op 25-jarige leeftijd zelfmoord met arsenicum.
Volgens haar death certificate is ze nog naar het ziekenhuis in Williams gebracht maar dat mocht niet baten.

Bloemen voor Maxine

In het najaar van 2012 loop ik langs het Potter’s Field en maak een memorial voor Maxine Meigs.
Dit jaar april krijg ik mail van een nichtje.
Ze was Maxine helemaal uit het oog verloren, is blij dat ze haar zo terugvindt en wil graag het beheer van dat Memorial.

Dat kan.
We wisselen nog wat mails uit en ik zeg dat ik in september 2013 tóch in Yuma ben en dat ik wel een beeldje bij de steen wil zetten.
Denkend aan een engeltje of iets anders kleins: misschien hield Maxine van katten.

MaxineflowersNee, geen engel! is de reactie.
Een Jezus moet het zijn en wel Jezus als Shepherd.
Want die zijn protestant.

Ze stuurt twee afbeeldingen van best grote beelden die op eBay een startprijs hebben van $ 50.

Ik beloof mijn best te doen.
Wat – eenmaal hier – een beetje vreemd voelt aangezien de nicht na de eerste stroom aan mailtjes al maanden niets meer laat horen.
Tegenover háár voel ik me daarom niet meer verplicht.
Maar intussen wél tegenover Maxine die geboren in Bozeman, Montana in Yuma is beland en bij haar dood op 85-jarige leeftijd zó arm was dat ze op kosten van de staat moest worden begraven.

Op 1 dag ná een week zoek ik naar het type Jezus-beeld dat de nicht in gedachten heeft. En dan bedoel ik niet dat ik er af en toe en passant even naar kijk maar dat ik van (mogelijke) winkel naar (mogelijke) winkel rijd.

flIk vind geen enkel Jezus-beeld.
Niet in thrift stores, niet in de protestante winkel.
Waar ze wel degelijk engelen verkopen zodat ik nu ook niet meer begrijp waarom nicht dat afdeed als ‘katholiek’ = ongeschikt.

Vandaag vind ik het genoeg geweest.
Ik koop kunstbloemen (rozen) voor Maxine – wat in Amerika overigens héél normaal is.
Ik zeg ‘sorry’.
Meer voor dat ze zo (arm en zonder liefhebbende familie) aan haar eind moest komen dan voor mijn falen om de Shepherd aan te schaffen.

Ik raak haar steen aan.
En niet dat ik echt iets hoop te voelen en misschien was ik me ook wezenloos geschrokken als dat wel zo was geweest.

Voor de mensen in het massagraf kocht ik ook bloemen.
Volgende keer dat ik hier ben doe ik het wéér.
Geen idee wie jullie waren maar ik blijf aan jullie denken.

Massagraven op het armenveld

Een deel van de begraafplaats van Yuma is gereserveerd voor mensen die door de County worden begraven omdat ze geen geld hebben voor een mooie begrafenis en hun nabestaanden ook niet.
Die mensen krijgen eenvoudige stenen.
Regelmatig staat de naam verkeerd gespeld.

Apotter

Telkens wanneer ik in Yuma ben ga ik even kijken of er nieuwe graven zijn bijgekomen en maak daarvoor dan een memorial op Find a Grave.
Al een aantal keren vonden mensen zo verloren gewaande familieleden terug.

De vorige keer viel me op dat tussen de gewone stenen een steen stond met een verzameling aan namen.
Twaalf.
Ik dacht: misschien zijn de lichamen zoek en worden ze zo toch herdacht.
Ik kon me nl niet voorstellen dat onder die ene steen twaalf lichamen lagen.

Nu zie ik wéér zo’n verzamelsteen.

En maar 1 nieuwe, losse steen.
Zodat ik me afvraag of hier toch niet sprake is van een massagraf.
De grond voor de nieuwe steen lijkt ook duidelijk platgewalst.

Individuals who are buried at the expense of the local authorities and buried in potter’s fields may be buried in mass graves – zegt Wikipedia.

Ik google deze doden.
Over de meesten vind ik helemaal niets.
Een enkele blijkt te zijn beland bij een begrafenisondernemer.
Bij die naam staat ‘no services planned’.

Maricopa Cemetery aka Pee Posh Cemetery

Op mijn tocht van Phoenix naar Yuma wil ik een begraafplaats bezoeken.
Bij Find a Grave zie ik Maricopa Cemetery met als beschrijving:
This is a small rural cemetery set in the middle of farmland. It appears to be about 5 acres in size and probably has about 1000 graves. However, with the exception of military markers, most of the markers are homemade and many are unreadable.

De foto’s vind ik mooi.
Daar wil ik heen.

De begraafplaats ligt ten zuidwesten van Phoenix in vlak land.
Ik betreed ‘m vanaf een zandweg en ben gefascineerd door de mengeling van oude, niet meer leesbare houten paaltjes, de witte kruisen met namen, enkele (niet veel) grafstenen.
Overal kunstbloemen en beeldjes en frutsels.

Calm and assertive
Opeens drie honden die de begraafplaats op lopen en ik denk Cesar Millan en probeer me te herinneren wat te doen wanneer vreemde honden je opeens benaderen.
Calm and assertive!
Meer schiet me niet te binnen.
Maar ik had me geen zorgen hoeven maken – ze hollen langs me heen en gaan verderop spelen.

Behalve de graven, meest ‘bergjes’, zie ik ook onduidelijke hopen en versieringen die lijken te zijn gedumpt of misschien alleen maar weggewaaid.
Een stoel op z’n kop.

Ik heb me voorgenomen op deze eerste begraafplaats maar een half uur rond te kijken maar steeds is verderop nóg iets dat ik wil zien dus blijf ik hangen en zie stenen voor mensen met een Spaanse naam en met een Engelse naam en ook met een Indianennaam.

Politie
Dan rijdt een politieauto de begraafplaats op.
Oh shit! denk ik.
En loop op de auto af.
Deed ik iets verkeerds? Ik maakte alleen wat foto’s, mag dat niet?
Nee!

De politieman, die vriendelijk blijft, zegt dat dit een begraafplaats van Native Americans is en daar mag je niet fotograferen.
Dat heb ik wel eens gelezen maar, zeg ik, ik had geen idee want er staat geen bord.
Dat staat er wél, zegt hij – aan het begin van de weg.
En ook bij de andere ingang.
Ik snap het niet want daar ben ik even naar buiten gelopen om een foto van het hek te maken en ik heb écht geen verbod gezien.
Staat er wel, zegt hij.
alg1

Spiritual world
Het heeft te maken met ‘spiritual world’ en ik zeg dat ik dat natuurlijk respecteer en excuses enzo.
Waarop hij zegt dat ik mijn foto’s moet deleten.
Maar me niet beveelt dat ter plekke te doen.
Ik beloof te deleten.

Ik mag ze nergens publiceren, zegt hij.
Ik beloof het.

Mixed cemetery
Ik zeg nog: maar ik zag ook graven van mensen met Spaanse namen en Engelse namen.
Het is een “mixed cemetery” zegt hij dan.
En herhaalt dat ik moet deleten.
Wat ik nogmaals beloof.

Later denk ik: ik had moeten vragen waaróm je eigenlijk niet mag fotograferen op een begraafplaats van indianen.
En ik had ook meer moeten vragen over hoe dat dan zit op een begraafplaats als deze die ‘mixed’ is.
Maar ik ben geïntimideerd door ‘politie’ en mn indiaanse politie en heb ook al elders gelezen hoe vervelend je benaderd kan worden als je het waagt een begraafplaats van indianen te bezoeken.
Zodat ik niet zo alert ben als ik graag had willen zijn.

Ik rijd weg en zoek aan het begin van de weg naar het bord dat ik moet hebben gemist
Geen bord.
Ik rijd naar de andere kant waar óók een bord zou staan.
Ook geen bord.

Belofte
Ik probeer te begrijpen wat er gebeurd is.
Ik dénk (maar heb natuurlijk geen idee) dat indianen (native Americans) er ivm hun religie echt een probleem mee hebben dat hun graven worden gefotografeerd – al leert google me niet waaróm dan.
Zodat deze politieman (de begraafplaats is op indianengebied) mij ervan wou weerhouden foto’s te publiceren.

Maar het was geen indiaanse begraafplaats waarvoor je een verbod kunt afkondigen maar een gemengde.
Misschien dat hij daarom me ook niet dwong ter plekke mijn foto’s te wissen?

Intussen zit ik wel met mijn belofte om geen foto’s te publiceren.
Ze zelfs te deleten.
Want onder valse voorwendsels afgedwongen of niet – ik heb ‘m wel gedaan.

Twee maanden denk ik erover na.
Dan besluit ik foto’s die een globaal beeld geven te plaatsen en ook enkele foto’s van graven van niet-Indianen.
Waarbij ik afga op de namen (Engels, Spaans) en ook op foto’s op stenen.

Steven Joseph Wusstig

Het deel rechts achter van de begraafplaats van Kingman ken ik vrij goed.
Het is het deel waar de mensen worden begraven die de afgelopen jaren zijn overleden.
Soms duurt het even voordat ze een grafsteen krijgen.
Af en toe komt dat er niet van.

Dit kruis is nieuw.
Veel engelen, een zelf in elkaar geknutselde steen, mooie kunstbloemen, frutsels.
Voor iemand die in 2007 al is overleden.
Steven Joseph Wusstig ‘forever in our hearts’.

Steven Wusstig is op dinsdag 12 juni 2007 in Havasu City doodgeschoten door een politieman.
Hij was drie dagen eerder ontsnapt uit de gevangenis van Kingman waar hij sinds april van dat jaar vast zat wegens o.a. autodiefstal en drugsdelikten.
Ook had hij de voorwaarden overtreden van de voorwaardelijke straf van 200 dagen die hem in 2006 was opgelegd voor het vervoer van 2 pond marihuana.

Een gewone boef met het gewone verhaal, zou je denken.
Maar de familie heeft Aaron Royster van de bepaald niet progressieve krant The Kingman Daily Miner voor de zaak weten te interesseren.
His story reads like a Greek tragedy” begint die zijn uitvoerig verhaal.

Steven werd in 1973 geboren in Guam en verhuisde met zijn ouders naar Kingman toen hij zes was. Daar ging hij naar school en had “a run-in with law-eforcement for damaging signs, according to his mother. It was also the first time he experimented with drugs.”
Na een 90 dagen “boot-camp style rehabilitation program (..) Steven had turned his life around.”

Hij trouwt, krijgt kinderen en gaat negen jaar werken bij UPS.
In 2003 moet Steven naar het ziekenhuis. Hij krijgt pijnstillers en raakt daarna verslaafd aan crystal meth.
Waarna het bergaf gaat. Buiten zijn schuld dus (vertelt de familie). Want eigenlijk was hij hartstikke lief.

Dat verwoordt ook zijn vrouw in het In Memoriam voor de Daily Miner.
Net als Marguerite McCoy, een collega van Steven Wusstig bij UPS, die haar afscheid aangrijpt om aandacht te vragen voor haar neef, Andrew Santiago.
Tot 5 jaar veroordeeld wegens verkrachting terwijl het om vrijwillige sex ging die hij als 18-jarige had met een meisje van bijna 17.
Toen verslaafd aan meth.
Zich niet gemeld als sex offender (dat is verplicht) en opnieuw in de gevangenis.

De laatste keer dat ik hem via google terugvind is in juli 2007 wegens mishandeling van een gevangenbewaarder.
Misschien heeft hij zijn leven echt een andere wending gegeven.

Het armenveld

Yuma Cemetery bestaat uit veel velden met veel vergane graven, een kleiner aantal gekoesterde graven en niet erg veel nieuwe graven.

De oude graven op de begraafplaats worden in kaart gebracht en toegevoegd aan Find a Grave door enkele mensen (vooral vrouwen) die willen voorkomen dat herinneringen verloren gaan.
Samantha ploegt langs de vaak slecht leesbare stenen en maakt foto’s.
Marilyn raadpleegt oude documenten. Anderen, zoals ikzelf, doen af en toe iets als dat in hun planning past.

Je hebt ook krantenknippers die uit de krant de overlijdensberichten (‘obituaries’) halen die in Amerika niet slechts advertenties zijn maar hele verhalen over hoe bijzonder iemand was, wie haar of hem voorgingen en wie achterblijven.
Dankzij internet hoeven de knippers tegenwoordig niet eens meer te knippen, ze copy and pasten.
Vaak al een dag nadat de persoon is overleden en nog voordat het graf daadwerkelijk is gedolven.
Die obituaries worden voor de krant geschreven door de familie of door de begrafenisondernemer.

Er is een veld waarvoor vrijwel niemand belangstelling heeft.
Dat is het meest recente armenveld. De ‘oudste’ doden zijn van 2001.
Hier worden op kosten van de County begraven die zich geen betaald graf kunnen veroorloven: armen met een naam en ‘unidentified skeletal remains’ – wat nog erger klinkt dan ‘John Doe’.

Ik ga er altijd even kijken. Dat doe ik ook op 24 oktober 2012.
Er zijn ongeveer twintig nieuwe graven bijgekomen sinds ik er de laatste keer was.
De meeste graven zijn sober: alleen de steen.
Eén is overdadig versierd. Eén nieuw graf heeft een omheining. Een ander is bedekt met witte stenen.

  

Ik vraag me af hoeveel mág wanneer je als armlastige op kosten van de gemeenschap wordt begraven en je nabestaanden dan je graf extra optuigen met meer dan een bloemetje of een beeldje.

Ik loop het hele veld langs.
Er lijkt verder weinig veranderd. Waar graven een enkele engel hadden, hebben ze die nog steeds. Een graf met veel kunstbloemen heeft ze ook nog – dezélfde.
Eén graf, waarvan de letters waren weggesleten, is bijgewerkt.

Helemaal op de achterste rij zie ik dit.
Een grafsteen met een koesterend jack. Dat was er nog niet toen ik hier een jaar geleden rondliep.
De steen is voor John Corona (1946-2001) over wie ik verder niets kan vinden.
Dat hij geen obituary heeft verbaast me niet.
Dat heeft vrijwel niemand van de hier begravenen.

Maar dat jack, dat is lief.
Daar heb je wat aan in de koude nachten. Misschien wel meer dan aan een engeltje.

Seligman Cemetery

Jaren geleden bezocht ik deze begraafplaats voor het eerst.
Ik werd getroffen door de oude, deels vergane, deels glorieuze graven. Door de lokatie – zo snel bij I-40 met het voortrazende verkeer. En door de weelderige vegetatie: prikplantjes.

De foto’s van die reis gingen verloren maar op 24 september 2012 keer ik terug.

De begraafplaats ligt nog steeds vlakbij de snelweg, het verkeer raast nog steeds voorbij.

Ergens staat een karretje. Het suggereert dat er werkzaamheden worden verricht.
Onkruid verwijderd wellicht.

Niks blijkt minder waar.
Was de begraafplaats een paar jaar geleden behoorlijk begroeid, nu zijn hele delen overwoekerd en kunnen zonder tegen prikplanten beschermende kleren niet meer worden benaderd.

Hoewel sommige mensen aan de kunstbloemen te zien het toch hebben gewaagd. Maar misschien stond de vegetatie toen nog wat lager.

Swingin’ grandma

In de hoek van de begraafplaats ligt een bijzonder graf.
Het is overdadig versierd met frutsels, beeldjes van een hond en een kat, een Amerikaanse vlag, een blikje bier en een flesje bier.

‘Swingin’ Grandma’ hangt er boven – een vanity plate van een auto.
Hij doet me denken aan de Little Old Lady from Pasadena (“go granny go granny go granny go!”).

Het graf is van Dolores Williams die in 2009 op 88-jarige leeftijd is overleden.
Haar dochter Joanne ging haar in 2005 op 63-jarige leeftijd voor.
Ze wachten nu op ‘Mr. Ed’ – de vriend (van Joanne?).

Via google vind ik:
Dolores Jane Williams was born on February 27, 1921 and died on March 20, 2009 at the age of 88.
This person last resided in Seligman, Arizona in Yavapai County.
Dolores Jane Williams was assigned the social security number (SSN) of: 281-14-9272.

Ook haar laatste adres vind ik (420 W Oak St, Seligman) en haar laatste telefoonnummer (dat ik hier maar niet ga vermelden want je weet nooit of iemand denkt: laat ik dat eens voor de lol gaan bellen en dat is niet prettig voor wie dat nummer nu misschien heeft).

‘Joanne Williams’ levert niets bruikbaars op.
Tegen beter weten in ook ‘Mr. Ed Seligman’ geprobeerd.
Niks.

Ik weet niet wat ik had verwacht te vinden.
Niet per se ‘spannende verhalen’ als over Lola in de Copacabana.
Misschien een bewijs dat ze heeft bestaan.

Dan denk ik: wat een onzin.
Het is niet google dat bewijst dat je bestond.

Alles wat ik wil weten vind ik bij haar graf: Dolores Williams hield van (huis)dieren, ze was patriottisch, frutsels kon ze ook waarderen en bier dronk ze graag.
Of ze op haar 88ste nog in een cabriolet over Route 66 karde? Zou kunnen.
In elk geval herkende ze zich in het “go granny, go granny, go granny go!”

Stenen op Pet cemetery Sunset Vista






Lawrence – Walter, Sparkey en Sport

Earl J. Friend

Een vrij standaard steen op de begraafplaats Sunset Vista in de Yuma Foothills.
Meer dan de helft van deze begraafplaats bestaat uit graven van militairen en die stenen lijken erg op elkaar.
Naam, rang, jaartallen en soms iets extra’s maar heel vaak niet.

Ook de steen van Earl J. Friend, in juni 2011 op 83-jarige leeftijd in Yuma overleden, is zakelijk en strak.
Dat kun je niet zeggen van de twee stenen aan zijn ‘voeten’.

Twee stenen voor twee vrouwen met allebei de achternaam Friend.
Op de steen van Shirley Ann (1930-2002) staat My first and last sweetheart.
Op de steen van Mary (1925-2006) My second loving companion.

Ik vermoed dat Earl met beide vrouwen getrouwd is geweest.
Eerst met Shirley Ann. Zijn eerste liefde en gezien het ‘last sweetheart’ dacht hij toen ze in september 2002 overleed ook dat hij nooit meer van iemand zou houden.
Niet als ‘sweetheart’ in elk geval.

Uit  de tweede steen valt af te leiden dat er toch weer een vrouw in zijn leven is gekomen.
Toen hij (minstens) 75 en zij (minstens) 78 was.
Misschien kenden ze elkaar al jaren.
In elk geval vonden ze elkaar lief genoeg om op die hoge leeftijd met elkaar te trouwen.

My second loving companion.
Ik vind het minder heftig dan My first and last sweetheart.
Misschien was het dat ook niet.
Mijn Engels is onvoldoende om te weten of ik bij ‘loving companion’ moet denken aan ‘lief maatje’ of aan ‘liefhebbende partner’.
Misschien wel beide.

Graven op Hackberry Cemetery






Graven






Laguna Cemetery

Deze oude begraafplaats ligt ongeveer 15 miles ten noorden van Yuma.
In een strak landbouwgebied waar je vooral Latino’s ziet werken.
Als je nog even doorrijdt kom je in een prachtig natuurgebied.

Ga rechts over een smalle brug en negeer bordjes met ‘Verboden toegang’ zijn de instructies. En pas op, want de weg wordt smal en misschien kun je dan je auto niet meer keren.

Ik loop de route, klein heuveltje op, groot terrein met niets en dan: daar is-ie.
Prachtig gelegen. Beschenen door de zon, in de verte de bewerkte aarde en de bergen.

De meeste graven zijn alleen hoopjes steen.
Een enkel (vergaan) kruis. Een enkel beeld.
Een paar graven met namen.
In totaal zouden er zeventig graven zijn. Mogelijk meer – overgroeid door de ruwe woestijnstruiken.

Dit zou het oudste graf zijn (met mooie kunstbloemen erbij).
Antonita C. Arviso Born 1876 – Died 1915 by Daughters & Sons. By her sons Douseno C. Arviso, Johnny Arviso, Bobby Arviso

Ik zie 1 graf met een officiële steen.
Juana Morales Quintero (1915-1941).
Op haar death certificate lees ik dat ze is geboren in Mexico. Color or Race: Mexican. Vader Pablo Morales, moeder Petra Esparza. Echtgenoot Alexander Quintero. Beroep: Hwfe.
Doodsoorzaak: T.B. Meningitis.

Opmerkelijk: het móet dezelfde vrouw zijn maar de data kloppen niet.
Volgens het formulier is ze geboren op 23 mei 1913 en overleden op 25 mei 1940.

Op twee andere graven staat ook als naam ‘Morales’.
Familie, vermoed ik. Uit de death certificates die ik vond (door zoeken op ‘Morales’ en ‘Yuma’ en dan eruit halen wie is begraven op Laguna Cemetery) blijkt dat niet. Niet alle doden staan in dat register zodat ook niet zeker is of de door mij gevonden Morales’ zijn begraven onder deze stenen.

Ergens op deze begraafplaats liggen in elk geval:
Felipa Morales (geboren 15-1-1887, overleden 9 februari 1935)
Jose Inez Morales (geboren 7-5-1935, overleden 7 april 1936)
Beatrice Torres Morales (geboren 8-3-1940, overleden 2 juli 1940)

De dochter van Felipa Morales, Cornelia (1916-1936), ligt hier ook begraven.

Nog een oude grafsteen: Vicente Hernandez (1901-1931).
‘Accidental drowning’ staat op zijn overlijdensacte.

Er zijn nog wat stenen en kruisen met slecht of niet leesbare namen of een enkel jaartal.

Volgens APCRP is er ook nog een graf uit 1976. Van Donny C. Wright.
Met een mooie grafsteen en een hek er omheen.

Ik ben hier begin oktober 2011 twee maal maar zie het niet.
Ik zal teruggaan. Niet alleen om het graf van Donny Wright te zoeken.
Er zijn hier zoveel kleine, vervallen en nog niet vervallen details.
Zeer de moeite van het herbezoeken waard.

Graven





 
 

Pet cemetery Sunset Vista

Wanneer ik op 29 september 2011 Sunset Vista Cemetery bezoek, vraagt de caretaker me een week later terug te komen. Aangezien de pet cemetery waar hij me ziet rondlopen er nu niet uitziet maar hij daar volgende week iets aan gaat doen. Schoonmaken.
Ik vertel dat ik een paar weken elders vertoef maar dat ik voor ik terugvlieg nog een paar dagen in Yuma ben en dan zeker zal langskomen.

Op 20 oktober is het zover.
Pet cemetery ziet er op afstand niet anders uit dan anders: een groot grasveld.
Dichtbij blijkt dat er wel degelijk aan is gewerkt: van de stenen op de eerste rij en van enkele op de tweede rij is het onkruid weggehaald. Van de overige stenen niet.
Wat kan verklaren waarom de caretaker uit de verte vriendelijk naar me zwaait maar geen praatje komt maken.

Ik maak wat foto’s (meeste volgen later).
Wat ik nu lief vind om te laten zien zijn de graven van Measles en zijn echtgenote.
Die samen 22 kinderen kregen. De grafsteen van Measles is een beetje schoongemaakt, ik probeerde zelf die van zijn vrouw te reinigen maar dat onkruid is hardnekkig – dat lukte dus niet.
 

Nu ik er toch ben maak ik een rondje rest van de begraafplaats.
Vergezeld door veel vogels met hun gezang (1 roadrunner kruiste de road toen ik de begraafplaats opliep maar wou niet gefotografeerd) lees ik stenen en maak foto’s.
Deze steen is op zijn minst opmerkelijk (even op klikken).

Dan het grote veld met de veteranengraven.
Ook daar zijn bijzondere stenen. Wanneer ik na een uur ermee kap stopt een bestelwagen en een man vraagt waarom ik foto’s maak. Een moment van twijfel. Soms wordt dat nl. niet gewaardeerd.
Nu wel.
Of ik weet dat George W. Bush hier begraven ligt, lacht de man.
Ik zeg dat ik het weet maar dat ik het graf niet ben tegengekomen. Daar, wijst hij.
Achter die boom.

Vooruit dan maar. Ik loop erheen en fotografeer de grafsteen van George W. Bush (1918-1992) die in de Tweede Wereldoorlog in de US Navy heeft gestreden.
Aan de voet van zijn steen de wat overwoekerde steen van zijn vrouw (geb. 1926 en nog niet dood of toch niet hier begraven).
 

Dit is al de tweede keer dat ik door personeel naar deze steen word gewezen.
Ik snap wel dat het iets komisch heeft. Maar toch.
Het is alsof je deze George W. Bush iets wezenlijks ontneemt.

International (of: Independent) Order of Odd Fellows (IOOF) – Section I

Zonder vooropgezet plan rijd ik op 18 oktober 2011 Yuma Cemetery op.
Ik hoop dieren te zien (gebeurt niet – wel hoor ik vogels), ik zal in elk geval even Catholic Section oplopen (doe ik altijd).

Ik zet de auto onder een boom en rechts daarvan is Section I.
De Int’l Order of Odd Fellows. Geen idee wat dat is. Wikipedia leert me later dat het een groepering is die (mij) doet denken aan de Vrijmetselaars (Masonic Lodge).
Misschien geen toeval dat de graven van deze organisaties naast elkaar liggen.
Met kleine stokjes ertussen.
(ik zal me er later in verdiepen beloof ik bij deze)

Het veld dat er op het eerste oog weinig inspirerend uitziet, verrast. Ik zie buitenlandse namen (Duits, Spaans) en Engels dat mogelijk echt ‘Engels’ is in de zin van: daar als pioneer vandaan gekomen.
Grote graven met een hele familie erin (de ene steen mooier dan de andere), veel treurige kleine steentjes met alleen de overlijdensdatum. Engelen, een Madonna. Onleesbare stenen, ingevallen graven, 1 graf, dicht bij een fonteintje, dat bijna wegzakt door het vocht.
Wel wat versiering maar niet erg recent.

Ik loop van Odd Fellows naar de Vrijmetselaars en terug.
Later wanneer ik de foto’s bekijk kan ik niet goed plaatsen welk graf nu waar lag (ik pak dit niet systematisch aan).

Dan stap ik op het eind, ik kan het niet laten, toch nog even de Catholic Section binnen.
Het blijft mijn favoriete deel.
Andere velden kan ik regelmatig met andere velden verwarren, de Catholic Section is uniek.